Paragraaf 10: Samenwerkingsverbanden

Jaarstukken

De huidige (Streekagenda-)overeenkomsten voor regionale samenwerking lopen in 2020 af. Daarom hebben we in 2019 gezamenlijk met de partners verkend of en welke vorm van samenwerking na 2020 wenselijk is. Tijdens deze verkenning is met alle stuurgroepen (bestuurders van gemeenten en Wetterskip Fryslân) gesproken. Deze samenwerking zullen wij in 2020 in een gezamenlijke startnotitie presenteren.

1 – Gebiedsagenda’s

De samenwerking met gemeenten en Wetterskip Fryslân is in 2014 vastgelegd in de vijf gebieds-/streekagenda’s. Hierin staan gezamenlijke opgaven. Per gebied zijn door de stuurgroepen de jaarplannen opgesteld, waarin ook de provinciale doelen voor het gebied waren opgenomen.
In 2017 zijn wij projecten gestart ter realisatie van onze doelen op het gebied van duurzame energie, cultuurtoerisme en plattelandsrecreatie, fietspaden en de aandachtsgebieden.
Daarnaast hebben we ingezet op de Bottom up-aanpak. Ook de uitvoering van het thema krimp is meegenomen bij de gebiedsagenda’s.
Ter realisatie van deze doelen hebben wij de regelgeving vereenvoudigd en werken we in het kader van de gebiedsagenda’s met twee instrumenten: Gebiedsbudget en Iepen Mienskipsfûns (IMF). In de gebieden Noordwest en Noordoost werken we daarnaast ook nog met Leader.

1a.  Gebiedsbudget

In juni 2016 is het eerste Provinciaal UitvoeringsProgramma 2016-2019 (PUP) vastgesteld. Hierin staat een aantal provinciale doelen met bijbehorende middelen. Deze middelen vormen het gebiedsbudget en worden gekoppeld aan de bestemmingsreserve. De budgetten blijven gekoppeld aan de doelen waarvoor Provinciale Staten deze middelen beschikbaar hebben gesteld. Onze partners konden tot 20 december 2019 projecten indienen. Budgetten waren een jaar eerder reeds geprogrammeerd dan wel uitgeput. De uitvoeringstermijn is tot en met 30 juni 2021.

De middelen zetten we in op basis van de jaarplannen die in de gebieden samen met de partners zijn gemaakt. Gedeputeerde Staten, de Colleges van de Friese gemeenten en het dagelijks bestuur van het Wetterskip stellen de jaarplannen jaarlijks vast en zijn ter kennisname aan PS gestuurd, net zoals het jaarverslag.

De aanpak met een gebiedsbudget heeft als doelen:

  • maatwerk te leveren per gebied, zoals o.a. aanbevolen door de Noordelijke Rekenkamer;
  • het aantal provinciale regelingen terug te brengen en hiermee efficiënter en flexibeler te zijn;
  • de inspanningen sterker te richten op het verwezenlijken van doelen en daarbij de integraliteit bij de uitvoering te vergroten;
  • de samenwerking met andere overheden te versterken.

Het Gebiedsbudget is onderverdeeld is zes onderdelen, elk met eigen randvoorwaarden en een eigen budget. De middelen zijn vanaf 2017 ingezet. In drie jaren (2017, 2018 en 2019) is het gehele gebiedsbudget geprogrammeerd.

Actieplan Fiets
Er is in totaal € 4 mln. beschikbaar gesteld. Hiervan is ruim € 3 mln. besteed. Het resterende deel is verplicht of geprogrammeerd.

Cultuur- en plattelandstoerisme
Er is in totaal € 2 mln. beschikbaar gesteld, conform afspraak, evenredig over de vijf Streekwurk regio’s verdeeld. Het beschikbare budget is in zijn geheel besteed, verplicht dan wel geprogrammeerd.

(Vrijval) Quick Wins
Dit is een onderdeel van het gebiedsbudget dat bestaat uit vrijgevallen middelen, die volgens een besluit van PS (juni 2016) aan hetzelfde doel kunnen worden besteed. Het beschikbare geld komt voort uit de afrekening van een eerder opgestelde ‘Quick Wins’ en gaat naar projecten met hetzelfde doel. Het beschikbare budget is nagenoeg in zijn geheel besteed, verplicht dan wel geprogrammeerd.

Duurzaamheid
Het gebiedsbudget Duurzaamheid besloeg een bedrag van € 1 mln. wederom verdeeld over de vijf regio’s. Dit budget is grotendeels besteed. Het resterende deel is geprogrammeerd.

Aandachtsgebieden
Voor de gemeenten Ooststellingwerf en Weststellingwerf is het gebiedsbudget aandachtsgebieden beschikbaar gesteld. Voor beide gemeenten was er een bedrag van € 232.500,- beschikbaar. Het beschikbare bedrag is besteed dan wel verplicht.

1b.  Iepen Mienskipfûns

De sociale samenhang in Fryslân is groot. Dit vertaalde zich de afgelopen jaren ook in grote aantallen initiatieven in dorpen en wijken die bijdragen aan leefbaarheid. Door middel van  het IMF heeft de provincie de afgelopen jaren veel projecten die de lokale leefbaarheid versterken ondersteund en daar gaan we dus ook van harte mee door. Voor de periode 2020-2024 is er in het IMF € 14 mln. subsidie beschikbaar voor lokale projecten inclusief moetingsplakken. Het IMF geeft daarbij integraal uitvoering aan ons bestuursakkoord. Er worden minimaal 750 leefbaarheidsprojecten gerealiseerd en zo veel mogelijk dorpen en wijken hebben een eigen ontmoetingsplek.

Met het IMF worden initiatieven uit de samenleving gestimuleerd (bottom-up). Het IMF is een eenvoudige, toegankelijke en integrale regeling waarbij de toekenning van de middelen loopt via een eenvoudige procedure.

Er zijn drie momenten geweest waarop subsidie aangevraagd kon worden. In de hele provincie zijn er in 2019 totaal 487 projecten ingediend. 355 projecten kregen uiteindelijk subsidie uit het IMF. Dat betekent dat 72% van de projectaanvragen is bediend. In 2019 is er € 3.932.586 aan provinciale subsidie geïnvesteerd, dit heeft geleid tot een totale projectomzet van € 18.952.477. Iedere euro subsidie heeft € 4,82 in de mienskip opgeleverd. Per gebied waren de aanvragen als volgt:

Een gedeelte van het beschikbare budget is niet besteed, mede doordat er projecten zijn geweigerd op basis van formele weigeringsgronden (bv. te laat ingediend), doordat projecten als kwalitatief onder de maat zijn beoordeeld en doordat de verwachte ‘legacy’ voor nu nog niet terugkomt in het aantal projectaanvragen. Tabel 2 laat zien dat er in 2019 bij elke tender overvraging is geweest. Met het beschikbare budget konden alle kwalitatief goede projecten gehonoreerd worden. Via een begrotingswijziging (2e Berap) is dit budget (€ 1,2 mln.) doorgeschoven naar de periode 2020-2023, omdat voorgenoemde projecten zich in het nieuwe IMF weer kunnen melden.

Op 27 november 2019 hebben PS ingestemd met de voorkeursvariant om een integrale regeling voor het Iepen Mienskipsfûns en de moetingsplakken aan ons voor te leggen.
Op 10 december 2019 hebben wij de nieuwe IMF regeling inclusief ontmoetingsplekken (2020-2023) en de daarbij behorende werkwijze vastgesteld.

2. LEADER/POP3

In de regio’s Noordoost en Noordwest geven we samenwerking met onze bestuurlijke partners en met private partijen ook vorm door middel van de LEADER aanpak, als onderdeel van het Plattelandsontwikkelingsprogramma (POP3). Deze door Europa gesteunde aanpak, richt zich op het verbeteren van de leefbaarheid op het platteland en werkt volgens de ‘van onderop’-aanpak. Deze aanpak is met vertegenwoordigers uit beide regio’s uitgewerkt in een Lokale ontwikkelingsstrategie voor de periode 2015-2020.

Binnen deze hoofdkoers zet Noordwest Fryslân vooral in op de thema’s Sociale innovatie en de relatie Stad-Platteland. Noordoost Fryslân richt zich vooral op het versterken van de Sociale cohesie, het stimuleren van Zelfsturing van dorpen en het stimuleren van Sociaal ondernemerschap.

De uitvoering van beide Lokale ontwikkelingsstrategieën gebeurt in de periode 2016 t/m 2020. Daarna is er nog drie jaar gepland om de financiën van beide Lokale ontwikkelingsstrategieën af te rekenen. Eind 2023 moet het hele programma afgerekend en afgehandeld zijn.

In 2019 zijn voor beide gebieden twee Leader tenders opengesteld. Totaal zijn er 15 subsidie aanvragen ingediend . Voor 11 projecten is een positief advies afgegeven en vier projecten hebben een negatief advies van de LAG (Lokale Actie Groep) gekregen en zijn afgevallen. De totale projectomvang van de positief geadviseerde projecten in 2019 is € 5.890.399,-. Dit resultaat wordt bereikt met € 626.883,- aan provinciale cofinanciering. In totaal is er € 1.775.000,- opengesteld met een provinciaal cofinanciering deel van € 673.000,-

De Leaderregeling is aanvullend op de succesvolle IMF. Een aanvraag voor de (Europese) Leaderregeling heeft echter aanmerkelijk meer spelregels.

De achterstanden uit de (lastige) beginfase van de LEADER uitvoering zijn nog steeds niet ingehaald. De huidige LEADER regeling en –procedures sluiten minder goed aan op het “van onderen op principe” dan eerdere regelingen.
Eerder LEADER periodes kon het restbudget in de overgangsperiode worden ingezet. Inmiddels lijkt het erop dat ook dit programma met 1 of 2 jaar verlengd gaat worden en dat uitvoering ook in 2021 en 2022 nog plaats kan vinden.

 

Print deze pagina