2. Infrastructurele projecten

Tweede bestuursrapportage

2019 is het jaar, waarin vooral gebiedsontwikkeling en de Extra Sneltrein Leeuwarden – Groningen centraal staat. Het knooppunt Joure, het aquaduct Drachtsterweg en de N31 traverse Harlingen zijn opengesteld, waarbij de laatste restpunten en administratieve afronding nog wat tijd vragen. Naast Leeuwarden VrijBaan, De Centrale As en de N381 welke eerder zijn opengesteld, is het hoofdwegennet in Fryslân grotendeels op orde. Aan gebiedsontwikkeling en Kansen in Kernen De Centrale As, de investeringsagenda Drachten Heerenveen en de verdubbeling van de N381 tot Oosterwolde wordt nog volop gewerkt. Aandachtspunten zijn nog de bruggen in de A6 (Skarsterien) en A7 (Bolsward).

Specifiek voor de opengestelde projecten knooppunt Joure en N31 Traverse Harlingen is het volgende te melden.

Knooppunt Joure
Het verkeer maakt al geruime tijd gebruik van het nieuwe Knooppunt Joure. In het voorjaar is de Langwarder Wielen op diepte gebracht. Hier hebben watersporters deze zomer voor het eerst goed gebruik van kunnen maken.
De aannemer rond nu de laatste werkzaamheden buiten af. Het gaat dan voornamelijk om het herstellen van asfalt, het opruimen van het ketenpark én het afwerken van bermen en groen. Verder werkt de aannemer volop aan het herstel van de folie’s in het Knooppunt. Die werkzaamheden duren tot en met september. De verwachting is dat de oplevering van het werk en de afronding van het contract in ieder geval de rest van het jaar doorloopt.

Een aandachtspunt betreft de planning van afronding. Voor de buitenwereld lijkt het alsof het project maar niet tot afronding wil komen. Achter de schermen wordt echter goede voortgang geboekt al is dit minder zichtbaar werk. De aannemer heeft meer tijd nodig voor het uitvoeren van de restpunten.

N31 Traverse Harlingen
De laatste restpunten voor het project Harlingen zijn hersteld. Het contract met de aannemer kan nu worden beëindigd. De wegbeheerder Rijkswaterstaat en de gemeente Harlingen zijn tevreden met het resultaat. De decharge van het project loop formeel via het MIRT van het ministerie.
Een aandachtspunt betreft de lozingsmelding van het Wetterskip. De traverse loost in formele zin meer water dan overeengekomen met het Wetterskip. De lozing is echter minder zout dan het water in het Van Harinxmakanaal, waardoor groen licht op de lozingsmelding wordt verwacht.

Social Return of investment
Bij de infrastructurele projecten werken wij intensief samen met het coördinatiepunt Social Return en de scholen voor middelbaar en hoger onderwijs via het coördinatiepunt Fiks. Door deze samenwerking dragen wij bij aan de sociale doelen en een verbetering van de aansluiting tussen onderwijs, bedrijfsleven en overheid.

Algemene projectrisico’s

Bij elk project staat een korte financiële toelichting. Nu we steeds meer projecten afronden, constateren we het risicoprofiel van de grote infrastructurele werken kleiner wordt. We weten inmiddels steeds meer. Wel doen zich projectspecifieke risico’s voor. Deze worden bij de afzonderlijke projecten benoemd. Programmabreed blijven de volgende algemene projectrisico’s gelden:

  • Faillissementen aannemers – Als een bouwproces loopt en de aannemer gaat failliet, ontstaat een financieel risico omdat een andere aannemer het werk moeten overnemen. Hier zijn altijd meerkosten aan verbonden. In de aanbesteding is hier waar mogelijk rekening mee gehouden (solvabiliteitstoets, bankgarantie). Om dit risico te beheersen wordt waar mogelijk enige ruimte gereserveerd binnen in de post onvoorzien van het projectbudget. Ook wordt met aannemers bekeken in hoeverre het mogelijk is om binnen de contractvoorwaarden de betalingsregeling zo in te richten dat een aannemer zo weinig mogelijk vooraf hoeft te financieren.
  • Prijsontwikkeling – met prijsontwikkeling is in de budgetten van de projecten rekening gehouden. Vooral in de rijksprojecten wordt de prijscompensatie geregeld via de toegekende IBOI. Deze kan lager liggen dan de werkelijke prijsontwikkeling, waardoor het projectbudget relatief kleiner wordt voor het werk dat nog moet worden gedaan.
  • Calamiteiten en kwaliteitsproblemen in het bouwproces – Tijdens de bouw van grote projecten kunnen zich altijd calamiteiten en discussies over de gevraagde kwaliteit voordoen. In principe ligt de verantwoordelijkheid bij de aannemer, maar het vraagt in de praktijk altijd een inspanning van ons als opdrachtgever. Dit uit zich in gevolgen voor tijd en geld. In tijd, doordat projecten hierdoor vertragen. In geld, doordat projectorganisaties langer operationeel blijven en de juridische kosten die horen bij de verantwoordelijkheidsvraag. Door toezicht en controle op de werkplannen en de werkzaamheden, zowel op het terrein van de techniek en de veiligheid, beperken wij dit risico.
  • Meerwerkclaims – Sinds 2015 is een toename te merken van claims op meerwerk van aannemers in aantal en omvang. Een aanvullend risico is dat de afhandeling van deze claims doorloopt na afronding van het werk of dat claims pas na afronding worden ingediend. Zo loopt nog een hoger beroep van de aannemer van het project Rijksweg A7 Sneek. Op dat moment is de betreffende projectorganisatie in afbouw of niet meer operationeel. Hierdoor kan de kennis om de claims adequaat af te handelen verdwijnen en verhogen de juridische kosten om adequaat verweer te voeren. Om dit risico te beperken proberen wij met aannemers om de claims voor de afrekening af te wikkelen. In de praktijk blijkt dit geen garantie te bieden. Daarom besteden wij veel aandacht aan de juridische opbouw van de bouwdossiers. Bij mogelijke claims wordt een specifiek claimdossier opgebouwd. Daarnaast zorgen wij voor het borgen van kennis op langere termijn binnen de provinciale projectorganisatie.
  • Inhuur – De grote projecten zijn qua formatie voor ruim 70% afhankelijk van inhuur van personeel. De provincie is daardoor deels ook kwalitatief afhankelijk van de bij deze mensen aanwezige kennis bij de afronding van projecten en eventuele rechtszaken daarna. Omdat voor ingehuurd personeel het werk naar “het einde” loopt, is er bij hen noodzaak om op zoek te gaan naar nieuwe klussen. Dit leidt tot leegloop voordat het project is afgelopen. Dit wordt versterkt door de wens om de inhuur terug te dringen. Tegelijk maakt de nieuwe wetgeving met betrekking tot flexwerk het lastig nieuwe afspraken te maken met deze mensen. Bekeken wordt hoe de cruciale continuïteit in projecten gewaarborgd kan worden gedurende langere tijd, zodat bij claims of garantieaangelegenheden de kennis geborgd is.
  • Buitenlandse werknemers en de wet aanpak schijnconstructies – Vanaf 2015 is het probleem over de wijze waarop buitenlandse werknemers worden betaald zeer actueel geworden in de Friese projecten. Daarnaast is op 15 juli 2015 de Wet Aanpak Schijn-constructies (WAS) van kracht geworden. In deze wet is ook de ketenaansprakelijkheid geregeld en kunnen opdrachtgevers aansprakelijk worden gesteld voor nabetaling van niet nagekomen cao-verplichtingen. De eerste melding hiervan hebben wij in juni 2016 gekregen. Het betrof medewerkers aan De Centrale As. Vanuit dat proces is het inkoop- en aanbestedingsbeleid aangescherpt. Provinciale Staten is hierover met verschillende brieven geïnformeerd.
  • Kabels en leidingen in de ondergrond – Met een aantal nutsbedrijven is discussie over het toepassingsbereik van de provinciale regeling kabels en leidingen. Bij de financiële en administratieve afhandeling kan dit nog leiden tot (juridische) discussies met de nutsbedrijven, waaruit financiële claims kunnen komen. Bij de infraprojecten waar dit vooral speelt is een reservering opgenomen voor dit risico.

Als er nog specifieke projectgebonden risico’s spelen, staan deze vermeld onder het kopje ‘Risico’s’ bij de afzonderlijke projecten.

1 Bereikbaarheidsprojecten Leeuwarden Vrij-Baan (programma 2)

Het bereikbaarheidsprogramma Leeuwarden Vrij-Baan is een programma aan infrastructurele werken waar Rijk, provincie en gemeente Leeuwarden samen aan werken.

Gewenste resultaten

Beleid

Verwacht je dat eind 2019 de beleidsuitvoering verlopen is volgens de inhoudelijke afspraken in het onderliggende document waarin het beleid is vastgesteld (beleidsnota, etc.)?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Tijd

Verwacht je dat eind 2019 het gewenste resultaat is gerealiseerd? Of, als de einddatum voor de realisatie verder in de tijd ligt: Verwacht je dat je eind 2019 op schema ligt om het gewenste resultaat te realiseren binnen de afgesproken termijn?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Geld

Verwacht je dat geld een belemmerende factor is voor het behalen van het gewenste resultaat? Of verwacht je dat het beschikbare budget toereikend is om in 2019 de gewenste resultaten te realiseren?

  • Geld vormt geen belemmerende factor: er wordt geen onder- of overbesteding verwacht
  • Er is een kans op overschrijding
  • Er is een overschrijding
  Beleid Tijd Geld
1 Bereikbaarheidsprojecten Leeuwarden Vrij-Baan

Welke besluiten hebben Provinciale Staten in 2019 genomen?
Er zijn geen besluiten genomen door PS.

Wat heeft het gekost?
Het project voltrekt zich nog steeds binnen de vastgestelde (financiële) kaders.

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
De laatste werkzaamheden uit het Tracébesluit van Rijksweg 31 Leeuwarden (Haak om Leeuwarden) worden uitgevoerd. De gebiedsontwikkelingswerkzaamheden tussen Marsum en het Van Harinxmakanaal zijn in afrondende fase. De administratieve afhandeling (bijv. grondoverdracht tussen overheden) is in gang gezet.

De realisatie van de biobased fietsbrug over het Van Harinxmakanaal is volop in uitvoering. Het vaste brugdeel is inmiddels geplaatst. Bij de assemblage in de fabriekshal is voor dit onderdeel overigens wel enige vertraging opgelopen waardoor de ingebruikname van Q3 is doorgeschoven naar Q4. De tijdelijke pontverbinding blijft zolang gehandhaafd.

De aanpassingen rondom rotondes Marsum (inclusief fietstunnel) worden integraal opgepakt met het herontwerp van het wegvak inclusief de nieuwe fietstunnel.

Rondom het Drachtsterplein en de Drachtsterweg worden in afstemming met de gemeente Leeuwarden de laatste (groen)maatregelen uitgevoerd en afgerond eind 2019 of begin 2020. Ditzelfde geldt voor de resterende werkzaamheden rond de Tearnser wielen.

Hoe hebben de genoemde risico’s zich ontwikkeld en zijn er nieuwe risico’s bijgekomen?
Er is nog een aantal projecten in uitvoering t.b.v. de aanpak van de zoute kwelproblematiek. Op een aantal locaties worden definitieve installaties aangebracht. Aan de hand van monitoring van de effecten wordt duidelijk of de maatregelen voldoende resultaat hebben voor het zoute kwelwater.

2 Verruiming Prinses Margrietkanaal (programma infrastructuur)

Gewenste resultaten

Beleid

Verwacht je dat eind 2019 de beleidsuitvoering verlopen is volgens de inhoudelijke afspraken in het onderliggende document waarin het beleid is vastgesteld (beleidsnota, etc.)?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Tijd

Verwacht je dat eind 2019 het gewenste resultaat is gerealiseerd? Of, als de einddatum voor de realisatie verder in de tijd ligt: Verwacht je dat je eind 2019 op schema ligt om het gewenste resultaat te realiseren binnen de afgesproken termijn?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Geld

Verwacht je dat geld een belemmerende factor is voor het behalen van het gewenste resultaat? Of verwacht je dat het beschikbare budget toereikend is om in 2019 de gewenste resultaten te realiseren?

  • Geld vormt geen belemmerende factor: er wordt geen onder- of overbesteding verwacht
  • Er is een kans op overschrijding
  • Er is een overschrijding
  Beleid Tijd Geld
2 Verruiming Prinses Margrietkanaal

Aan de verruiming van de vaarweg liggen de volgende besluiten van provinciale staten ten grondslag:

  • In 1997 is het Plan van Aanpak Investeringen Fries-Groningse kanalen vastgesteld.
  • In februari 2012 is de overeenkomst vastgesteld met het rijk over overdracht Prinses Margrietkanaal en afkoop Van Harinxmakanaal.
  • In september 2012 is besluitvorming aan Provinciale Staten voorgelegd voor het uitvoeringskrediet voor de brug Burgum en de kanaalverlegging bij het aquaduct in de Centrale As.
  • In september 2013 is het milieueffectrapport (MER) voor Skûlenboarch Westkern beschikbaar gesteld voor openbare kennisgeving. Dit is onderdeel van het Provinciale inpassingplan voor het watergebonden bedrijventerrein aan de noordzijde van het Prinses Margrietkanaal.

Welke besluiten hebben Provinciale Staten in 2019 genomen?
Provinciale Staten hebben in 2019 geen besluiten genomen met betrekking tot de verruiming Vaarweg Lemmer-Delfzijl en worden ook niet voorzien voor dit jaar.
In het BO-Mirt van 2018 zijn tussen Rijk en de provincie Fryslân (en Groningen) een aantal afspraken gemaakt, die o.a een andere proces, rol en inzet van betrokken partijen betekenen. Het rijk heeft inmiddels aangegeven het convenant aangaande de overdracht te gaan herzien. Tevens heeft zij haar visie gegeven op welke wijze de regio betrokken zal gaan worden bij de aanpak van de vijf Friese bruggen. Tussen Rijk en provincie worden daarover de komende tijd nadere afspraken gemaakt.

  • Voor de Friese vaarwegen, natte bedrijventerreinen en havens hebben de Staten ingestemd met een provinciale vaarwegenvisie. De uitwerking daarvan zal in het najaar van 2019 aan de Staten worden voorgelegd.
  • Als onderdeel van een nadere uitwerking van de vaarwegenvisie worden ook de conclusie inzake de zgn. fly-byterminals voorgelegd.

Wat heeft het gekost?
Momenteel omvat de verruiming Prinses Margrietkanaal uitsluitend nog de nieuwbouw brug Burgum. Dit project ligt momenteel financieel op koers. Aangezien binnen het door het Rijk beschikbaar gestelde budget nog voldoende ruimte is, worden momenteel op verzoek van het Rijk aanvullend nog een oeverconstructie vervangen. Voor deze aanvullende werkzaamheden heeft het rijk een aanvullende beschikking afgegeven

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
De brug Burgum functioneert nog niet 100%. De omgeving heeft last van kleinere en soms grotere storingen. Soms vraagt het verhelpen van de storingen (te) veel tijd, met alle gevolgen voor het wegverkeer in het bijzonder het langzaam verkeer van dien. Aangezien de provincie momenteel nog verantwoordelijk voor het object is, en het Rijk vaarwegbeheerder is, wordt in samenspraak met RWS er alles aan gedaan de technische problemen te verhelpen en bij storingen de omgeving (inclusief hulpdiensten en OV) adequaat mogelijk van informatie te voorzien en daar waar mogelijk alternatieven te bieden.
Het proces van acceptatie en overdracht van de brug aan Rijkswaterstaat moet nog worden afgerond. De inzet is om dit jaar een en ander af te wikkelen, zodat daarmee het eigendom, beheer en onderhoud van de brug bij Rijkswaterstaat ligt. De financiële prognose is nog steeds dat het project binnen het beschikbare budget gerealiseerd kan worden.

Een van de afspraken in het BO-Mirt 2019 is een onderzoek naar de haalbaarheid van een aquaduct ter vervanging van de bruggen Kootstertille en Schuilenburg. Alvorens deze studie te starten zal de omgeving worden geraadpleegd of deze oplossingsrichting.
De planvoorbereiding en realisatie zal geschieden door Rijkswaterstaat. De provincie zal bij de planvorming haar kennis en expertise inbrengen. De planning van Rijk is dat de uitkomsten van de MIRT-verkenning in het BO MIRT van najaar 2020 worden besproken. Dan zal ook pas duidelijk zijn of een aquaduct een alternatief is voor de bruggen Kootstertille en Skûlenboarch.

Hoe hebben de genoemde risico’s zich ontwikkeld en zijn er nieuwe risico’s bijgekomen?
Actueel zijn de storingen aan de brug Burgum met alle consequenties van dien voor het weg- en vaarwegverkeer. Aangezien de provincie momenteel nog eigenaar/beheerder is, wordt alles in het werk gesteld de technische problemen op te lossen. Dit geschiedt in samenspraak met Rijkswaterstaat, zodat de uiteindelijke overdracht van het object aan Rijkswaterstaat als toekomstig beheerder soepel kan verlopen.
Onderdeel van de BO-Mirt afspraken is de vervanging van de bruggen Spannenburg, Uitwellingerga en Oude Schouw met een verwachte opleverdata tussen 2024 – 2026. Momenteel kennen de bruggen Oude Schouw en Spannenburg al een aslastbeperking om verdere schade aan deze bruggen te voorkomen. Voor het zware wegverkeer betekent dit omrijden.

3 N381, Drachten-Drentse grens

Gewenste resultaten

Beleid

Verwacht je dat eind 2019 de beleidsuitvoering verlopen is volgens de inhoudelijke afspraken in het onderliggende document waarin het beleid is vastgesteld (beleidsnota, etc.)?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Tijd

Verwacht je dat eind 2019 het gewenste resultaat is gerealiseerd? Of, als de einddatum voor de realisatie verder in de tijd ligt: Verwacht je dat je eind 2019 op schema ligt om het gewenste resultaat te realiseren binnen de afgesproken termijn?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Geld

Verwacht je dat geld een belemmerende factor is voor het behalen van het gewenste resultaat? Of verwacht je dat het beschikbare budget toereikend is om in 2019 de gewenste resultaten te realiseren?

  • Geld vormt geen belemmerende factor: er wordt geen onder- of overbesteding verwacht
  • Er is een kans op overschrijding
  • Er is een overschrijding
  Beleid Tijd Geld
3 N381 Drachten-Drentse grens

Welke besluiten hebben Provinciale Staten in 2019 genomen?
• Realisatiebesluit N381 op 10 februari 2010;
• Provinciaal Inpassingsplan (PIP) N381 vastgesteld op 30 november 2011;
• Ontwerp VVGB voor omgevingsvergunning op 25 januari 2017;
• VVGB voor omgevingsvergunning op 24 mei 2017.

Wat heeft het gekost?
Het project ligt financieel op koers. Het projectbudget van € 184,8 miljoen is toereikend en het project kent een gebruikelijk percentage onvoorzien om eventuele tegenvallers op te vangen. Tot en met augustus 2019 is circa € 159,7 miljoen uitgegeven.

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
Opdrachtnemer Heijmans is volop bezig met de uitvoering van het contract N381 verdubbeling Donkerbroek – Oosterwolde. De werkzaamheden liggen op schema. Een aantal kunstwerken is al aangepast op de verdubbeling, namelijk fietstunnel ’t Hoogezand, tunnel Balkweg en viaduct Drie Tolhekken. Onderdoorgang ’t West en de bug Lochtenrek zijn in uitvoering. De tweede nieuwe rijbaan is geasfalteerd.

De benodigde vergunningen voor het plaatsen van een kunstobject bij de Oude Willem in Appelscha zijn onherroepelijk. In augustus 2019 zijn in het veld de eerste werkzaamheden uitgevoerd. Plaatsing van het kunstobject is tweede helft van oktober 2019 voorzien.

Hoe hebben de genoemde risico’s zich ontwikkeld en zijn er nieuwe risico’s bijgekomen?
In de uitvoeringsfase blijven er risico’s ten aanzien van contract, techniek, omgeving, veiligheid & gezondheid. De risico’s worden geïnventariseerd en beheerst door middel van risicosessies en risicogestuurd contractbeheer.

  • De (technische en contractuele) uitvoeringsrisico’s zijn geminimaliseerd, omdat de definitieve ontwerpen van opdrachtnemer door opdrachtgever zijn geaccepteerd en omdat de werkzaamheden uit de “grond” zijn;
  • In verband met verkeersveiligheid en doorstroming is in maart een tijdelijke brug in gebruik genomen over de onderdoorgang bij ’t West in Donkerbroek. Deze tijdelijke brug wordt half september 2019 verwijderd. De overige omgeving risico’s worden beheerst door middel van frequente omgeving overleggen tussen opdrachtnemer en opdrachtgever. In deze overleggen worden omgevingszaken gezamenlijk besproken;
  • De risico’s ten aanzien van veiligheid & gezondheid worden beheerst door middel van (gezamenlijke) inspectierondes van de veiligheidskundigen van opdrachtnemer en opdrachtgever. Op basis van deze rondes worden, indien noodzakelijk, aanpassingen of verbeteringen doorgevoerd.

4 De Centrale As (programma infrastructuur)

4a De weg en gebiedsontwikkeling

Gewenste resultaten

Beleid

Verwacht je dat eind 2019 de beleidsuitvoering verlopen is volgens de inhoudelijke afspraken in het onderliggende document waarin het beleid is vastgesteld (beleidsnota, etc.)?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Tijd

Verwacht je dat eind 2019 het gewenste resultaat is gerealiseerd? Of, als de einddatum voor de realisatie verder in de tijd ligt: Verwacht je dat je eind 2019 op schema ligt om het gewenste resultaat te realiseren binnen de afgesproken termijn?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Geld

Verwacht je dat geld een belemmerende factor is voor het behalen van het gewenste resultaat? Of verwacht je dat het beschikbare budget toereikend is om in 2019 de gewenste resultaten te realiseren?

  • Geld vormt geen belemmerende factor: er wordt geen onder- of overbesteding verwacht
  • Er is een kans op overschrijding
  • Er is een overschrijding
  Beleid Tijd Geld
4a De Centrale As - De weg en gebiedsontwikkeling

Welke besluiten hebben Provinciale Staten in 2019 genomen?
Er zijn geen besluiten genomen.

Wat heeft het gekost?
De 1e fase van de gebiedsontwikkeling is financieel geïntegreerd in het wegenproject De Centrale As. Vanuit de integrale aanpak blijkt dat de 1e fase gebiedsontwikkeling op koers ligt. Voor fase 2a en b is de provinciale bijdrage, met uitzondering van de financiering voor beheer en onderhoud van het landschap, gedekt. Voor landschapsonderhoud en een aantal recreatieve maatregelen moet de bijdrage van derden nog vastgelegd worden, zo heeft de gemeente Tytsjerksteradiel de cofinanciering voor fase 2 nog niet geregeld. In het najaar 2018 is PS uitgebreid geïnformeerd over de financiële stand van zaken fase 1 en 2. Op dit moment is de provincie in gesprek met de gemeenten over afrekening van de gebiedsontwikkeling fase 1 en de nog niet geregelde cofinanciering voor fase 2. De gesprekken met de gemeenten zijn in een afrondende fase.

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
De weg:
In het voorjaar van 2019 wilden we de contracten voor de weg volledig afronden. De werken in het noordelijk deel zijn afgerond op de werken aan het Bastion Dokkum na. Inmiddels is er overleg met de gemeente over de invulling en afronding hiervan. De werken in het midden deel zijn afgerond, behoudens een aantal restpunten. De financiële afronding van de contracten zou in het voorjaar van 2019 plaats vinden. Omdat het oplossen en afronden van restpunten langer heeft doorgelopen dan vooraf verwacht, wordt de afronding nu in het najaar van 2019 verwacht. De werken in het zuidelijk deel zijn geheel afgerond.

In 2018 is gewerkt aan de afronding van de ontwikkeling en uitvoering van de Motie Vreemd.
De verwachting was dat dit in 2018 zou worden afgerond. In samenspraak met de omgeving zijn er meer maatregelen naar voren gekomen dan vooraf verwacht. Inmiddels zijn de maatregelen in voorbereiding, afronding realisatie werd medio 2019 verwacht. Naar verwachting wordt dit in het najaar van 2019.

Gebiedsontwikkeling:
Met het openstellen van de Sintrale As in 2016 is ook een aantal maatregelen uit de gebiedsontwikkeling in gebruik genomen en afgerond. De overige maatregelen worden voor zover mogelijk in 2019 uitgevoerd, met uitzondering van landschapsherstel dat vanwege het voorkomen van kaalslag in het gebied een langere doorlooptijd kent. Voor een aantal maatregelen moet de grond nog verworven worden en voor een aantal maatregelen geldt dat de grondverwerving niet zal lukken en hierdoor niet doorgaan. Daarnaast is voor een aantal maatregelen de co-financiering van de gemeente Tytsjerksteradiel niet geregeld. Momenteel wordt gewerkt aan een voorstel om de uitvoering van een aantal maatregelen over te dragen richting de gemeente Tytsjerksteradiel en richting de lijnorganisatie om daarmee de realisatie te borgen.

Hoe hebben de risico’s zich ontwikkeld?
Het grootste risico voor de gebiedsontwikkeling is de grondverwerving, omdat deze op basis van vrijwilligheid gaat. Hierdoor is gebleken dat een aantal maatregelen, voornamelijk wandel- en fietspaden niet door hebben kunnen gaan. Ook bij het herstel van houtsingels lopen we hier tegenaan. Dit risico is blijvend en betekent dat er meerdere maatregelen niet door kunnen gaan.

Een ander risico is de cofinanciering voor fase 2 van de gemeente Tytsjerksteradiel. De gemeente Tytsjerksteradiel heeft de cofinanciering nog niet geregeld en wil een mogelijke meevaller op fase 1 benutten voor fase 2. Hierover vinden gesprekken plaats. In het najaar van 2019 wordt PS geïnformeerd over de definitieve afspraken met de gemeente.

4b Kansen in Kernen

Gewenste resultaten

Beleid

Verwacht je dat eind 2019 de beleidsuitvoering verlopen is volgens de inhoudelijke afspraken in het onderliggende document waarin het beleid is vastgesteld (beleidsnota, etc.)?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Tijd

Verwacht je dat eind 2019 het gewenste resultaat is gerealiseerd? Of, als de einddatum voor de realisatie verder in de tijd ligt: Verwacht je dat je eind 2019 op schema ligt om het gewenste resultaat te realiseren binnen de afgesproken termijn?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Geld

Verwacht je dat geld een belemmerende factor is voor het behalen van het gewenste resultaat? Of verwacht je dat het beschikbare budget toereikend is om in 2019 de gewenste resultaten te realiseren?

  • Geld vormt geen belemmerende factor: er wordt geen onder- of overbesteding verwacht
  • Er is een kans op overschrijding
  • Er is een overschrijding
  Beleid Tijd Geld
4b De Centrale As – Kansen in Kernen

Welke besluiten hebben Provinciale Staten in 2019 genomen?
Er zijn in 2019 geen besluiten genomen door PS over Kansen in Kernen.

Wat heeft het gekost?
In 2015 hebben Provinciale Staten definitieve besluiten genomen over de maximale provinciale bijdrage aan Kansen In Kernen. Deze bijdrage bedraagt € 11,1 mln. De provincie verstrekt haar bijdrage via subsidies aan de gemeenten Tytsjerksteradiel en Dantumadiel. Het eerste gedeelte van de provinciale bijdrage, te weten € 3,2 mln, is in 2015 via een ANNO-subsidie aan de genoemde gemeenten beschikt. Het gaat hierbij om de voorbereidingskosten van de zes dorpen en de uitvoeringskosten van Kansen In Kernen Garyp. In 2016-2020 is in totaal maximaal € 7,9 mln beschikbaar aan provinciale bijdrage voor de uitvoering van Kansen in Kernen. Dit betekent dat voor de gemeente Tytsjerksteradiel maximaal € 3,6 mln en voor de gemeente Dantumadiel maximaal € 4,3 mln aan subsidie beschikbaar is. In 2016 hebben de gemeenten een subsidiebeschikking ontvangen voor de uitvoering van Kansen in Kernen ter grootte van deze bedragen.

Wat willen we bereiken?
In 2019 wordt gestart met de herinrichting van het park en het transferium (de omgeving van het station) in Feanwâlden en het Stationskwartier in Hurdegaryp. Het werk Stationskwartier Hurdegaryp is inmiddels aanbesteed. Uitvoering vindt plaats in de periode najaar 2019- 1e helft 2020. De aanbesteding voor Feanwâlden staat gepland voor eind 2019/ begin 2020.
Dit zijn de laatste twee deelprojecten van Kansen in Kernen. De herinrichting van KIK Garyp, KIK Burgum, KIK Hurdegaryp-doarp, KIK Damwâld en KIK De Falom is inmiddels gereed.

Hoe hebben de risico’s zich ontwikkeld?
In de bestuursovereenkomst De Centrale As (maart 2007) en de basisafspraken Kansen in Kernen (sept 2014) is vastgelegd dat de beide gemeenten projectverantwoordelijke zijn en daarmee risicodragend. De provincie faciliteert, zowel financieel als in menskracht. De procesmanager Kansen in Kernen van de provincie treedt op als regisseur en borgt de provinciale belangen. Risico is dat de provincie hiermee indirect stuurt op het project. Dit risico beheersen we door het instellen van een kernteam dat de provincie voorzit én een gezamenlijke financiële beheersing.

5 Investeringsagenda Drachten-Heerenveen

Gewenste resultaten

Beleid

Verwacht je dat eind 2019 de beleidsuitvoering verlopen is volgens de inhoudelijke afspraken in het onderliggende document waarin het beleid is vastgesteld (beleidsnota, etc.)?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Tijd

Verwacht je dat eind 2019 het gewenste resultaat is gerealiseerd? Of, als de einddatum voor de realisatie verder in de tijd ligt: Verwacht je dat je eind 2019 op schema ligt om het gewenste resultaat te realiseren binnen de afgesproken termijn?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Geld

Verwacht je dat geld een belemmerende factor is voor het behalen van het gewenste resultaat? Of verwacht je dat het beschikbare budget toereikend is om in 2019 de gewenste resultaten te realiseren?

  • Geld vormt geen belemmerende factor: er wordt geen onder- of overbesteding verwacht
  • Er is een kans op overschrijding
  • Er is een overschrijding
  Beleid Tijd Geld
5 Investeringsagenda Drachten-Heerenveen

Welke besluiten hebben Provinciale Staten in 2019 genomen?
In 2019 zijn geen besluiten genomen over de investeringsagenda Drachten – Heerenveen.

Wat heeft het gekost?
De provinciale bijdrage voor de totale agenda bedraagt € 75,4 mln daarvan is ruim € 55 miljoen besteed en/of beschikt. Vele projecten van de investeringsagenda zijn afgerond. Dat geldt niet voor de projecten Oostelijke Poort Merengebied, Bereikbaarheid Gebiedsontwikkeling Heerenveen, zwembad De Welle en het Innovatiehuis. Deze projecten lopen langer door. In de begrotingswijzigingen bij de bestuursrapporage zijn enkele kasritme verschuivingen opgenomen. Tevens is een wijziging opgenomen aangaande de programmamanagementkosten.

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
Eerder hebben we aangegeven dat in 2019 niet meer op programmaniveau over de investeringsagenda gerapporteerd wordt. Vandaar dat we nu alleen inzoomen op de projecten Oostelijke Poort Meren Gebied (w.o. Oudega aan het water), Bereikbaarheid Heerenveen en De Welle. Het project Oostelijke Poort Merengebied heeft te maken met vrijwillige grondverwerving. Dit maakt dat voortgang afhankelijk is medewerking van grondeigenaren. Dit vraagt zorgvuldigheid en is reden dat er extra uitstel voor de uitvoering wordt gevraagd.
Het college van Smallingerland heeft nog geen definitief besluit genomen wat de locatie voor De Welle betreft. Naar verwachting zal de aanvraag voor in totaal € 10 miljoen daarom niet rond 1 oktober 2019 maar in het 1e halfjaar van 2020 worden ingediend. De scope en het eindresultaat van het project veranderen niet, de verwachting is dat met de besteding in 2020 een begin zal worden gemaakt.
Het project Bereikbaarheid Heerenveen is door ons in 2018 beschikt maar is nog niet in de realisatiefase.

Hoe hebben de risico’s zich ontwikkeld?
Vanuit de Investeringsagenda is € 6 mln. toegekend aan het project De Welle.
Binnen de Investeringsagenda is momenteel € 5 mln. beschikbaar, er resteert een taakstellende bezuinigsopgave van € 1 mln. Vanuit de resterende projecten die nog in uitvoering zijn, zal gekeken worden op welke wijze invulling gegeven kan worden aan de taakstelling van de gemeente Smallingerland.

De subsidies die worden verleend voor de afzonderlijke projecten zijn taakstellend en gemaximeerd. Dit houdt in dat financiële risico’s voor rekening komen van de betreffende gemeente

Voor het project Oudega aan het Water geldt echter dat de provincie mede-opdrachtgever is geworden, en hiermee verantwoordelijk voor 50% van de eventuele risico’s. De provincie voert samen met de gemeente Smallingerland de regie van het project, waardoor we beter kunnen sturen op eventuele risico’s. De provinciale financiële bijdrage aan het project is taakstellend; een eventuele budgetoverschrijding zal leiden tot het beperken van de scope van het project. De planning voor dit project is ambitieus en mede-afhankelijk van de voortgang op het grondverwervingsdossier en de bijbehorende ruimtelijke planvorming. Dit vraagt zorgvuldigheid en is reden dat er extra uitstel voor de uitvoering wordt gevraagd.

6 RSP Spoorprojecten (programma infrastructuur)

Gewenste resultaten

Beleid

Verwacht je dat eind 2019 de beleidsuitvoering verlopen is volgens de inhoudelijke afspraken in het onderliggende document waarin het beleid is vastgesteld (beleidsnota, etc.)?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Tijd

Verwacht je dat eind 2019 het gewenste resultaat is gerealiseerd? Of, als de einddatum voor de realisatie verder in de tijd ligt: Verwacht je dat je eind 2019 op schema ligt om het gewenste resultaat te realiseren binnen de afgesproken termijn?

  • Ja, dit gaat zeker lukken
  • Niet zeker of dit gaat lukken
  • Nee, dit gaat niet lukken

Geld

Verwacht je dat geld een belemmerende factor is voor het behalen van het gewenste resultaat? Of verwacht je dat het beschikbare budget toereikend is om in 2019 de gewenste resultaten te realiseren?

  • Geld vormt geen belemmerende factor: er wordt geen onder- of overbesteding verwacht
  • Er is een kans op overschrijding
  • Er is een overschrijding
  Beleid Tijd Geld
6a Capaciteitsvergroting Leeuwarden – Zwolle
6b Capaciteitsvergroting Leeuwarden – Groningen
6c Station Werpsterhoeke
6d Capaciteitsvergroting Leeuwarden – Sneek

Algemeen
De Spoorprojecten zijn onder te verdelen in vier hoofdprojecten:

  • Capaciteitsvergroting van de spoorverbinding Leeuwarden-Zwolle voor de uitbreiding van het aantal treinen van twee naar vier per uur in beide richtingen.
  • Capaciteitsvergroting van de spoorverbinding Leeuwarden-Groningen voor de tweede sneltrein die gaat rijden.
  • Aanleg van station Werpsterhoeke met een onderdoorgang voor gemotoriseerd verkeer en een onderdoorgang voor fietsers en voetgangers.
  • Capaciteitsvergroting van de spoorverbinding Leeuwarden – Sneek gaat over de infrastructurele maatregelen die nodig zijn om een 4de trein per uur te laten rijden tussen Leeuwarden en Sneek.

6a. Capaciteitsvergroting spoorverbinding Leeuwarden-Zwolle

Welke besluiten zijn er nog genomen in het jaar 2019 door Provinciale Staten?
Provinciale Staten hebben in het tweede trimmester van 2019 geen besluiten genomen.

Wat heeft het gekost?
Spooruitbreiding Zwolle-Herfte
Afgezien van de vaste bijdrage vanuit de RSP-middelen komen de kosten voor Herfte-Zwolle en ZwolleSpoort niet ten laste van de regio.

Overige maatregelen Leeuwarden-Zwolle
Als Zwolle-Herfte klaar is, kunnen de Sprinters Leeuwarden-Meppel doorrijden naar Zwolle. Hiervoor moet ProRail tussen Meppel en Zwolle ook nog overwegveiligheidsmaatregelen nemen en de tractie (stroomvoorziening) verbeteren. De overwegveiligheidsmaatregelen zijn geraamd op € 0,5 mln. De onderzoekskosten naar de maatregelen voor de uitbreiding van de tractie zijn geraamd op € 150.000,-. Dit bedrag is beschikbaar gesteld vanuit de Motie Koopmans middelen.

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
Spooruitbreiding Zwolle-Herfte
Het project Zwolle – Herfte wordt uitgevoerd in twee contracten. Een contract voor de aanpassing van station Zwolle en een contract voor de extra sporen tussen station Zwolle en Herfte. Als onderdeel van het contract voor de aanpassing van het station wilde ProRail in de zomervakantie een start maken met een extra toegangsspoor naar het spooremplacement (opstel- en servicesporen) aan de zuidwestkant van station Zwolle. Dit is gelukt. Daarnaast is de aannemer op dit moment aan het werk voor de uitbreiding van het spoortraject Zwolle-Herfte met twee extra sporen. De uitvoering loopt volgens planning.

Overige maatregelen Leeuwarden-Zwolle
ProRail voert momenteel gesprekken met de betreffende wegbeheerders voor het uitvoeren van de overwegveiligheidsmaatregelen op het traject Meppel – Zwolle. Daarnaast is ProRail gestart met een onderzoek naar de te nemen maatregelen om de tractie tussen Meppel en Zwolle voor te bereiden op de extra treinen.

Hoe hebben de genoemde risico’s zicht ontwikkeld en zijn er nieuwe risico’s bijgekomen?
Vanaf de dienstregeling 2021 moeten er vier treinen rijden tussen Leeuwarden en Zwolle. Twee Intercity’s en twee Sprinters, waarbij de Sprinters aansluiting geven in Zwolle op andere treinen. Mogelijk is de spoorinfrastructuur in Meppel dan een knelpunt. Dat geldt ook voor de beweegbare spoorbruggen tussen Leeuwarden en Meppel. Er zijn dienstregelingsvarianten waarbij station Meppel niet aangepast hoeft te worden. Ook is er een dienstregeling mogelijk waarbij de beweegbare spoorbruggen in mindere mate een knelpunt zijn. Samen met Overijssel, Drenthe, NS en ProRail moet uiterlijk in 2020 een keuze worden gemaakt voor een dienstregeling. Hierbij moet worden bepaald waar de Intercity stopt en waar de Sprinter aansluiting moet geven op de andere treinen.
Twee andere risico’s zijn dat Zwolle-Herfte vertraging oploopt tijdens de uitvoering en dat de transformatoren voor de uitbreiding van de tractie tussen Meppel en Zwolle niet op tijd beschikbaar zijn.

6b. Capaciteitsvergroting spoorverbinding Leeuwarden-Groningen

Welke besluiten zijn er nog genomen in het jaar 2019 door Provinciale Staten?
Door PS zijn in 2019 geen besluiten genomen over de capaciteitsvergroting Leeuwarden – Groningen.

Wat heeft het gekost?
Van het totale budget dat beschikbaar is voor de spoorverbinding Leeuwarden-Groningen is tot nu toe € 102,7 miljoen uitgegeven.

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
We wilden de onderdoorgang in Hurdegaryp zover gereed hebben zodat deze in september open kon. De uitvoering van de onderdoorgang verloopt volgens planning. Verder bereidt de aannemer de buitendienststellingen van september en oktober voor. De voorbereiding is nog niet afgerond. Dit staat verder toegelicht onder risico’s. Tot slot is het grondwerk voor het baanlichaam waar het tweede spoor tussen Zuidhorn en Hoogkerk op aangelegd wordt nu klaar. In het najaar begint de spoorbouw.

Hoe hebben de genoemde risico’s zich ontwikkeld en zijn er nieuwe risico’s bijgekomen?
In oktober vindt een grote buitendienststelling plaats van 13 dagen. De aannemer werkt deze periode aan het spoor, kunstwerken en verschillende overwegen over het hele traject. Zo worden onder meer alle maatregelen in de provincie Fryslân dan uitgevoerd. In de voorbereiding hierop zijn verschillende materialen nog niet geleverd en ontwerpen voor de treinbeveiliging nog niet afgerond. Het risico bestaat dat dit niet vóór de buitendienststelling van oktober is opgelost. Samen met ProRail en de aannemer wordt haalbaarheid van de planning nader onderzocht. Tevens wordt er binnen ProRail extra druk gezet op leveranciers om de materialen tijdig te leveren.

In de eerste Berap hebben we aangegeven dat er tijdens de voorbereiding en uitvoering verschillende zaken aan het licht zijn gekomen die nog niet goed waren geregeld. Daarnaast waren er tijdens de uitvoering een aantal tegenvallers. Hierover bent u per brief van 7 mei 2019 geïnformeerd (nr. 01651368). Samen met ProRail doen we doorlopend aan het inventariseren van risico’s en worden hier beheersmaatregelen op gezet. Tegenvallers met financiële gevolgen blijven echter een risico tijdens de uitvoering.

We verwachten nog steeds dat de tegenvallers op het onderdeel spoorinfra opgevangen kunnen worden binnen de financiële kaders, zoals uw staten die hebben meegegeven. Het projectonderdeel dat door de provincie Fryslân wordt getrokken, de spooronderdoorgang Hurdegaryp en aansluitende infrastructuur, kent een positief resultaat. Dit positieve resultaat is nodig om de tegenvallers op het spoorinfradeel op te vangen.

Op 20 februari j.l. heeft de Raad van State een (tussen)uitspraak gedaan over de beroepsprocedures tegen het tracébesluit ESGL. Een drietal beroepen is op onderdelen gegrond. Het tracebesluit is op deze punten nader onderbouwd en heeft geleid tot een herbesluit van de Staatsecretaris. Het is nog onbekend wat de Raad van State hier van vindt. Mogelijk komt er dit najaar nog een nieuwe zitting. Voorlopig hindert het de uitvoering en de planning van het project niet.

6c. Station Werpsterhoeke

Welke besluiten zijn er nog genomen in het jaar 2019 door Provinciale Staten?
Provinciale Staten hebben in het eerste kwartaal van 2019 geen besluiten genomen. Provinciale Staten zijn per brief geïnformeerd over de voortgang van station Werpsterhoeke (nr. 01697745).

Wat heeft het gekost?
Tot en met augustus 2019 is € 18,6 miljoen inclusief btw verplicht en/of uitgegeven uit het RSP-budget voor station Werpsterhoeke. Voor de realisatie van beide onderdoorgangen (fase 1) is een totaalbudget beschikbaar van € 21 miljoen (prijspeil 2014). Daarnaast is vanuit de motie Koopmans voor het opheffen van de overweg Nije Werpsterdyk een bedrag van € 250.000,- beschikbaar gesteld. Hiervan is nog niets uitgegeven.

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
In de eerste berap gaven we aan dat we de verwachting hadden dat de auto-onderdoorgang open zou gaan in mei. Dit is uiteindelijk gelukt in juli. De planning is om beide onderdoorgangen voor het eind van dit jaar over te dragen aan de gemeente en het project af te ronden.
Direct ten noorden en zuiden van de onderdoorgangen liggen overwegen: de overweg Barrahûs en de overweg Nije Werpsterdyk. We wilden we een start maken met het opheffen van beide overwegen. Hiervoor wordt een overeenkomst opgesteld met het Rijk en ProRail. Hiervan is inmiddels een concept met de betrokken partijen besproken.

Hoe hebben de genoemde risico’s zich ontwikkeld en zijn er nieuwe risico’s bijgekomen?
De aannemer moet de onderdoorgangen nog overdragen naar de gemeente. Het is een risico dat dit niet lukt. Dit kan bijvoorbeeld omdat de gemeente gebreken ziet. Voor de overdracht vindt een inspectie plaats van het werk door ProRail en gemeente Leeuwarden zodat gebreken tijdig worden gesignaleerd en opgelost.

De provincie en de gemeente Leeuwarden hebben de ambitie en inzet om station Werpsterhoeke in 2025 te realiseren. Voordat de NS hier stopt, willen zij zicht hebben op voldoende in- en uitstappers. Het is een risico dat het minimum aantal niet voor 2025 wordt gehaald. Het station moet dan later worden geopend.

6d. Capaciteitsvergroting spoorverbinding Leeuwarden – Sneek

Welke besluiten zijn er nog genomen in het jaar 2019 door Provinciale Staten?
Door PS zijn in 2019 geen besluiten genomen over de capaciteitsvergroting Leeuwarden – Sneek.

Wat heeft het gekost?
De planuitwerkingsfase heeft tot nu toe € 1,1 miljoen gekost. De kosten die ProRail heeft gemaakt voor het onderzoek naar de tijdelijke oplossing bedragen €100.000,-. Dit bedrag is door ProRail voorgeschoten.

Wat wilden we bereiken en wat hebben we gerealiseerd?
In 2018 heeft de provincie samen met ProRail en Arriva een tijdelijke oplossing bedacht en uitgewerkt waarbij in de ochtendspits alleen vier treinen per uur rijden van Sneek naar Leeuwarden. Bij deze oplossing kunnen er maar twee treinen stoppen in Mantgum. Van Leeuwarden naar Sneek rijden er dan twee (lange) treinen per uur. In de middagspits is dit omgekeerd. Voor deze tijdelijke oplossing moeten er naast de aanpassingen aan het spooremplacement in Leeuwarden ook maatregelen worden getroffen bij Mantgum. Het streven is nog steeds om tijdens de spits in beide richtingen vier treinen te laten rijden die alle in Mantgum stoppen.
De planuitwerking van de tijdelijke oplossing is bijna afgerond. Er wordt nu gewerkt aan een uitvoeringsovereenkomst ter voorbereiding op een uitvoeringsbeslissing. Het is de bedoeling om de uitvoeringsbeslissing uiterlijk in oktober 2019 te nemen, zodat tijdig kan worden gestart met de aanbesteding en uitvoering van de maatregelen. Daarmee kan de planning voor het rijden van de 4e trein in december 2020 worden gehaald.

Hoe hebben de genoemde risico’s zich ontwikkeld en zijn er nieuwe risico’s bijgekomen?

  • Het project is nu gericht op een tijdelijke oplossing zoals hierboven genoemd. De bedachte oplossing is nieuw voor ProRail. Het risico is dat een dergelijke oplossing op grond van bestaande regelgeving binnen ProRail (nog) niet wordt toegestaan. Dit kan opgelost worden door het emplacement in Leeuwarden aan te passen. In het BO-spoor van 24 mei jl. is daarom de intentie uitgesproken om de aanpassingen op het emplacement in Leeuwarden uit te voeren in relatie tot de tijdelijke maatregel.
  • Risico kan zijn dat de trein niet voor de indiensttreding van de nieuwe dienstregeling kan gaan rijden (december 2020). Bijvoorbeeld omdat er niet op tijd een aannemer wordt gevonden om de werkzaamheden voor de tijdelijke maatregel uit te voeren.
  • We blijven ons inzetten voor een dienstregeling met 4 treinen in beide richtingen tijdens de spits. Voor deze definitieve situatie is een bedrag nodig van € 20 tot € 36 mln. nodig om de grondstabiliteit op orde te brengen. Het risico is aanwezig dat dit bedrag niet beschikbaar komt.
Print deze pagina